Centraal in dit blog staat de Europese Verordening 2019/1150 ter bevordering van billijkheid en transparantie voor zakelijke gebruikers van onlinetussenhandelsdiensten, de zogeheten Platform-to-business verordening (hierna: de P2B-Verordening) . Deze Verordening is in werking getreden op 12 juli 2020 en legt verplichtingen op aan onlinetussenhandelsdiensten en onlinezoekmachines in de EU (art. 1 lid 2 P2B-Verordening). Het doel van de P2B-Verordening is een betere bescherming van zakelijke gebruikers van deze platforms.

Wat zijn onlinetussendiensten?

Een onlinetussendienst is een online platform. Hieronder vallen online marktplaatsen voor elektronische handel, maar ook appstores, social media en deelplatforms. Art. 2 lid 2 P2B-Verordening stelt drie vereisten om aan de definitie van onlinetussenhandelsdiensten te voldoen:

1.    Zij vormen diensten van de informatiemaatschappij.

2.    Zij geven zakelijke gebruikers de mogelijkheid om goederen of diensten aan te bieden aan consumenten.

3.    Zij worden aan zakelijke gebruikers geleverd op basis van contractverhoudingen tussen de aanbieder van dergelijke diensten en zakelijke gebruikers die goederen of diensten aanbieden aan consumenten;

Te denken valt aan een platform als Amazon en eBay, waarop bedrijven hun producten online kunnen aanbieden. Ook Booking.com, Airbnb en de Apple App Store vallen onder het toepassingsbereik van de P2B-Verordening.

Welke regels legt de Verordening op?

De P2B-Verordening bevat voornamelijk regels op het gebied van transparantie. Zo dienen de algemene voorwaarden van onlinetussenhandelsdienstverleners in duidelijke en begrijpelijke taal te zijn geformuleerd en eenvoudig beschikbaar te zijn voor zakelijke gebruikers (art. 3 lid 1 P2B-Verordening). Bovendien moeten de algemene voorwaarden voldoende informatie bevatten over bepaalde onderwerpen, zoals de redenen voor beslissingen om het gebruik van het platform door zakelijke gebruikers op te schorten, te beëindigen of op een andere manier te beperken (art. 4 P2B-Verordening). Als de onlinetussenhandelsdienstverlener besluit het gebruik te beëindigen, dient hij de verkoper hiervan 30 dagen voor ingang van de beëindiging op de hoogte te stellen (art. 4 lid 2 P2B-Verordening). 

Als de algemene voorwaarden gewijzigd gaan worden, heeft de verkoper eerst een opzegtermijn van 15 dagen waarbinnen hij kan bepalen of hij met de nieuwe voorwaarwaarden akkoord gaat of niet (art 3 lid 2 P2B-Verordening). Deze opzegtermijn geldt niet indien de wijziging het gevolg is van een wettelijke verplichting van de onlinetussenhandelsdienstverlener.

Geschillen tussen verkoper en platform

Voor geschillen dienen de platformen te beschikken over een intern klachtafhandelingssysteem. Verkopers dienen hier snel en eenvoudig met hun klacht terecht te kunnen komen (art. 11 P2B-Verordening). Daarnaast moeten deze platforms twee of meer bemiddelaars aanstellen waarmee zij tot een buitengerechtelijke beslechting van geschillen kunnen komen (art. 12 P2B-Verordening). Deze bemiddelaars dienen onder meer onpartijdig, onafhankelijk en betaalbaar te zijn. Mocht het toch tot een gerechtelijke procedure komen, dan hebben organisaties en verenigingen met een rechtmatig belang bij vertegenwoordiging van zakelijke gebruikers, het recht om een vordering in te stellen namens de verkopers (art. 14 P2B-Verordening).

Handhaving in Nederland

De Nederlandse regering is momenteel bezig met een wetsvoorstel ter implementatie van de Verordening. Hierin wordt voorgesteld om de ACM te belasten met het bestuurlijk toezicht op de naleving van de P2B-Verordening (art. 3 wetsvoorstel). De ACM is bij de uitoefening van haar taak bevoegd om bestuurlijke boetes op te leggen ter hoogte van maximaal €870.000,- of 1% van de omzet van het platform (art. 6 wetsvoorstel).

De handhavingsbevoegdheid van de ACM is echter beperkt tot overtredingen die schade kunnen toebrengen aan het collectieve belang van verkopers. Zij steelt dus geen rol bij individuele geschillen, maar komt enkel in beeld als sprake is van een schending van het collectief verkopersbelang (art. 5 wetsvoorstel).

Conclusie

De P2B-Verordening biedt dus wettelijke bescherming voor verkopers op platforms van onlinetussenhandelsdienstverleners zoals Amazon en eBay. Die bescherming bestaat vooral uit transparante en begrijpelijke algemene voorwaarden en een aparte geschillenbeslechting. Naar verwachting zal in Nederland de ACM belast worden met het bestuurlijk toezicht op de naleving van de P2B-Verordening.

Advies nodig?

Heeft u vragen over de P2B-Verordening? Of heeft u vragen over het internationaal handelsrecht en ondernemingsrecht in het algemeen? Neem gerust contact op met een van onze advocaten.

 

Dit blogbericht is geplaatst op 11 februari 2022