Bij het starten van een onderneming dient u aan tal van zaken te denken. Eén van die dingen is het vinden van een passende naam voor uw bedrijf. Vragen zoals ‘hoe klinkt de naam in het Engels?’, ‘is de naam internationaal genoeg?’ en ‘is de naam wel onderscheidend genoeg?’ zullen daarbij vaak de revue passeren. Vaak wordt daarbij echter door de startende ondernemer niet de vraag gesteld of de gekozen bedrijfsnaam verboden is, omdat deze bijvoorbeeld al door een andere onderneming wordt gebezigd of slechts in geringe mate afwijkt van een door een andere onderneming gebruikte handelsnaam.

Wat is een 'handelsnaam'?

Onder een handelsnaam verstaat de Handelsnaamwet ‘de naam waaronder een onderneming wordt gedreven’. Een onderneming kan ook meerdere handelsnamen bezigen. Registratie bij de Kamer van Koophandel is voor het ontstaan van het handelsnaamrecht geen vereiste. Het handelsnaamrecht ontstaat immers vanzelf, gewoonweg als gevolg van het gebruik van die handelsnaam. Het is echter wel aan te bevelen om de handelsnaam in te schrijven, omdat je aan de hand van de datum van die inschrijving wel kan aantonen op welk tijdstip jij jouw handelsnaam in gebruik hebt genomen.

Wat kun je als ondernemer met je handelsnaamrecht?

Met je handelsnaamrecht kun je een andere onderneming die later dan jou de door jou gebruikte handelsnaam gebruikt onder bepaalde omstandigheden op het matje roepen.

De Handelsnaamwet?

Het gebruik van een handelsnaam die voordat de onderneming onder die naam werd gedreven, reeds door een ander rechtmatig gevoerd werd of die van diens handelsnaam slechts in geringe mate afwijkt, is immers verboden. Dit is in Nederland ook in de wet opgenomen in de zogenaamde Handelsnaamwet.

In artikel 5 Handelsnaamwet is het navolgende opgenomen:

‘Het is verboden een handelsnaam te voeren, die, vóórdat de onderneming onder die naam werd gedreven, reeds door een ander rechtmatig gevoerd werd, of die van diens handelsnaam slechts in geringe mate afwijkt, een en ander voor zover dientengevolge, in verband met de aard der beide ondernemingen en de plaats waar zij gevestigd zijn, bij het publiek verwarring tussen die ondernemingen te duchten is.’

In artikel 5a Handelsnaamwet is verder ook een verbod opgenomen terzake het voeren van een handelsnaam die het merk bevat waarop een ander ter onderscheiding van zijn waren recht heeft:

Het is verboden een handelsnaam te voeren, die het merk bevat, waarop een ander ter onderscheiding van zijn fabrieks- of handelswaren recht heeft, dan wel een aanduiding, die van zodanig merk slechts in geringe mate afwijkt, voor zover dientengevolge bij het publiek verwarring omtrent de herkomst van de waren te duchten is.

Verwarring

Artikel 5 Handelsnaamwet verbiedt dus het voeren van een jongere handelsnaam indien daardoor verwarring met een oudere onderneming te vrezen is. Daarbij kan een aantal in de wet genoemde — overigens niet limitatief bedoelde — factoren een rol spelen. In het algemeen zal een jongere handelsnaam altijd moet wijken voor de oudere.

Het in artikel 5 genoemde begrip ‘verwarring’ wordt in de jurisprudentie over het algemeen ruim opgevat: zowel zogenaamde ‘directe’ verwarring (“iemand doet zaken met bedrijf A terwijl diegene in de veronderstelling was met bedrijf B zaken te doen”) als zogenaamde ‘indirecte’ verwarring (“iemand beseft dat er verschillen tussen beide bedrijven zijn, maar neemt aan dat er tussen beide bedrijven wel een economische of juridische band aanwezig is”). De genoemde verwarring hoeft daarentegen voor een succesvol beroep op artikel 5 van de Handelsnaamwet niet te worden bewezen: alleen al wanneer verwarring tussen de ondernemingen ‘te duchten’ is, is artikel 5 Handelsnaamwet van toepassing.

De handelsnamen wijken slechts in geringe mate af: is er sprake van verwarring?

Ook handelsnamen die ‘slechts in geringe mate afwijken’ of handelsnamen die qua klank aan elkaar verwant zijn maken dat er sprake kan zijn van verwarring. De mate van afwijking is één van de factoren die de rechter in aanmerking neemt bij de bepaling of sprake is van gevaar voor verwarring. Daarnaast speelt ook de aard van beide bedrijven een rol. Denk hierbij aan producten en/of diensten van beide bedrijven die wel/niet bij elkaar aansluiten. Bovendien kan ook de plaats van vestiging van beide bedrijven van belang zijn. Beslissend daarbij is volgens de rechtspraak of een handelsnaam geografisch bezien beschermenswaardige bekendheid heeft (HR 2 juni 1978, ECLI:NL:HR:1978:AB7414, NJ 1980/295 (Kooy/Kooy)). Zelfs buitenlandse ondernemingen kunnen onder omstandigheden bescherming van de handelsnaam in Nederland genieten (HR 15 januari 1965, ECLI:NL:HR:1965:AB4834, NJ 1965/137 (Kjellberg)). Tenslotte is naast de overige omstandigheden van het geval ook van belang of er een verwarringsgevaar bij het relevante (tot de doelgroep van de onderneming behorende) publiek bestaat.

'Mijn naam is haas?'

Pas dus als (startende) ondernemer op bij het zomaar kiezen van een leuk klinkende handelsnaam voor je bedrijf en doe uitgebreid onderzoek naar een mogelijke overlap met reeds bestaande handelsnamen. Het louter denken ‘mijn naam is haas’ bij gebruik van een verboden handelsnaam zal je als (startende) ondernemer immers helaas niet mogen baten.

Advies nodig?

Wij staan u graag bij en/of geven u graag advies.