In dit blog wordt ingegaan op het recht van reclame. Het recht van reclame is een handig juridisch instrument voor de verkoper om zijn goed terug te krijgen ingeval de koper de koopprijs niet voldoet. Zeker in het licht van de huidige tijdsgeest (corona) is het recht van reclame extra van belang, nu de recht van reclame ook strekt tot bescherming van verkopers ten tijde van het faillissement van de koper. Het recht van reclame moet overigens worden onderscheiden van het retentierecht

Het recht van reclame ziet erop toe de verkoper bescherming te bieden ten opzichte van wanbetalende kopers. Wanneer een koopovereenkomst tot stand is gekomen tussen de verkoper en de koper, en de verkoper draagt het goed vervolgens in eigendom over aan de koper, heeft er een rechtsgeldige overdracht plaatsgevonden. De koper dient dan uiteraard wel nog de koopprijs te betalen. Wanneer de koper dit nalaat, kan de verkoper een beroep doen op het reclamerecht conform art. 7:39 BW. Voor een geslaagd beroep op het reclamerecht dient aan een aantal voorwaarden voldaan te worden, welke voorwaarden in het navolgende zullen worden uitgelegd.

Voorwaarden

De verkoper kan enkel een beroep doen op het recht van reclame wanneer het gaat om een al afgeleverd roerend goed. Met roerende goederen wordt gedoeld op goederen die niet onroerend zijn. Met onroerende goederen wordt gedoeld op de grond, delfstoffen in de grond, met de grond verenigde bouwwerken en werken die duurzaam met de grond zijn verenigd. Een huis is aan te merken als een onroerend goed, aangezien het duurzaam is verenigd met de grond. Een auto is daarentegen roerend aangezien het niet is verenigd met de grond. Daarnaast moet het roerende goed zijn afgeleverd. Aan de aflevering is voldaan wanneer de koper de feitelijke macht over het goed kan uitoefenen. De koper oefent feitelijke macht over een goed uit wanneer hij het goed gebruikt, ware het zijn eigendom. De bestuurder van een auto oefent dus de feitelijke macht over de auto uit.

Indien de koper de koopprijs niet betaalt, kan de verkoper het recht van reclame uitoefenen. Hij dient hierbij eerst een schriftelijke verklaring, gericht aan de wederpartij, te versturen waarin het afgeleverde terug wordt gevorderd. In deze schriftelijke verklaring moet worden vermeld dat de verkoper de overeenkomst ontbindt en het eigendom van de afgeleverde zaak terugvordert. Van belang hierbij is dat de verkoopprijs immer onbetaald is gebleven. Nu de koopovereenkomst in feite wordt ontbonden, dient de verkoper ook aan de vereisten van ontbinding te voldoen als beschreven in art. 6:265 BW.

Om een overeenkomst te ontbinden moet sprake zijn van een tekortkoming in de nakoming van de wederkerige overeenkomst. Met een wederkerige overeenkomst wordt simpelweg verwezen naar een overeenkomst waarbij beide partijen rechten en plichten hebben. Een koopovereenkomst is altijd wederkerig: de verkoper verplicht zich om het goed te leveren, terwijl de koper de verplichting heeft om de koopprijs te betalen. Een tekortkoming in de nakoming houdt in dat één van de partijen, koper of verkoper, zich niet houdt aan zijn verplichtingen die voortvloeien uit de koopovereenkomst. De koper betaalt bijvoorbeeld de koopprijs niet, of de verkoper levert het goed te laat. Daarnaast moet de koper in verzuim zijn in de zin van art. 6:81 BW. De koper raakt ingevolge art. 6:81 BW in verzuim gedurende de tijd dat de prestatie (het betalen van de koopprijs) uitblijft nadat zij opeisbaar is geworden. De verkoper moet de koper dan ex art. 6:82 BW in gebreke stellen of het verzuim treedt van rechtswege in ex art. 6:83 BW.

Vervaltermijnen

Het recht van reclame is tevens gebonden aan twee specifieke vervaltermijnen. In art. 7:44 BW is een vervaltermijn van zes weken en een vervaltermijn van zestig dagen opgenomen. Een beroep op het recht van reclame door de verkoper is niet langer mogelijk wanneer beide vervaltermijnen zijn verstreken.

De vervaltermijn van zes weken ziet op de situatie wanneer de koper en de verkoper een datum overeen zijn gekomen wanneer de koopprijs moest worden betaald. Is er een koopovereenkomst gesloten op 1 juli met een betalingstermijn van 14 dagen, dan begint de vervaltermijn van zes weken pas te lopen op 15 juli. Zes weken na 15 juli is de vervaltermijn verlopen en vervalt de bevoegdheid tot het recht van reclame van de verkoper.

De termijn van zestig dagen geldt ingeval de koper en verkoper een koopovereenkomst hebben gesloten zonder tijdsbepaling. De koper en de verkoper hebben simpelweg niet afgesproken wanneer er uiterlijk moet zijn betaald. Wanneer de zaak is afgeleverd aan de koper begint de vervaltermijn van zestig dagen te lopen. Is er dus geleverd op 1 juli, dan vervalt het recht van reclame op 30 augustus indien de koopovereenkomst is gesloten zonder tijdsbepaling.

Voordeel van het recht van reclame

Het grote voordeel van het recht van reclame is de zogenaamde zakelijke werking. Hiermee bedoelt men te zeggen dat de koper zijn ‘zakelijke’ rechten verliest, wanneer de verkoper zijn recht tot reclame inroept. Door deze zakelijke werking verliest de koper zijn eigendomsrecht. De verkoper kan de zaak weer revindiceren: de verkoper kan het goed dat zich nog onder de koper bevindt opeisen.

Dit is vooral handig wanneer de koper in staat van faillissement verkeert. Doordat de verkoper de zaak kan revindiceren is hij geen schuldeiser in het faillissement en ontspringt de verkoper de (faillissementsrechtelijke) dans. Onder omstandigheden kan de curator ervoor kiezen de koopprijs te betalen om zo het goed in de boedel te krijgen. De verkoper kan dan het goed niet meer revindiceren, maar heeft dan in ieder geval wel de koopprijs betaald gekregen.

Advies nodig?

Heeft u vragen over het recht van reclame of heeft u advies nodig? Neem gerust contact op met een van onze advocaten.

Dit blogbericht is geplaatst op 21 juli 2020