Op 31 maart 2021 heeft de Geschillencommissie van het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening – afgekort ‘KiFiD’ – een belangrijke uitspraak gewezen. Deze uitspraak vormt goed nieuws voor partijen met een rechtsbijstandsverzekering.

In deze uitspraak, gewezen tussen een consument en rechtsbijstandsverzekeraar DAS, worden de situaties waarin sprake is van vrije advocaatkeuze verruimd.

Waarover ging kort samengevat de kwestie?

Er werd een onjuist artikel over een atlete gepubliceerd. Zij wilde dit artikel gerectificeerd zien. Daarvoor heeft zij een sportrechtspecialist in de arm genomen. De kosten voor deze sportrechtsspecialist claimde zij bij DAS, haar rechtsbijstandsverzekeraar. DAS weigerde deze kosten te vergoeden omdat hier sprake zou zijn van een ‘buitengerechtelijke procedure’. Dat is de procedure die voorafgaat aan de gerechtelijke procedure (een procedure voor de rechter). Vrije advocaatkeuze was daarop niet van toepassing, aldus DAS, omdat vrije advocaatkeuze enkel van toepassing was als er een gerechtelijke procedure zou worden gestart. Dat stond ook zo in de polisvoorwaarden.

In feite betekent dat dat DAS zegt dat de zaak tijdens de buitengerechtelijke fase moet worden gedaan door de interne juristen van DAS. Als de verzekerde daar niet voor kiest, moet de verzekerde zelf opdraaien voor de kosten van in dit geval de sportrechtspecialist.

Vrije advocaatkeuze: een actueel onderwerp

Het recht op vrije advocaatkeuze is al lange tijd zeer actueel. Rechtsbijstandsverzekeraars hebben altijd aangegeven dat er enkel recht op vrije advocaatkeuze bestaat bij een ‘gerechtelijke of administratieve procedure’. De buitengerechtelijke procedure / fase, lees: de voorfase waarin de wederpartij wordt benaderd en/of wordt bekeken of een schikking mogelijk is alvorens het starten van een rechtszaak, zou daar niet onder vallen. Dit had tot gevolg dat de rechtsbijstandsverzekeraars de kosten hiervoor niet dekte en verzekerden dus deze kosten zelf zouden moeten dragen. Uiteraard enkel als de zaak niet behandeld wordt door een interne jurist van de rechtsbijstandsverzekeraar.  

Uitspraak Europese Hof van Justitie van 14 mei 2020

Het Europese Hof van Justitie heeft op 14 mei 2020 een uitspraak gewezen over het recht op vrije advocaatkeuze. Het Europese Hof van Justitie oordeelde daarin onder meer:

“Elke fase die kan leiden tot een procedure bij een rechterljike instantie, zelfs een voorafgaande fase, moet dus worden geacht onder het begrip ‘gerechtelijke procedure’ in de zin van artikel 201 van richtlijn 2009/138 te vallen.”

Duidelijke taal, zou je denken. Rechtsbijstandsverzekeraars hebben altijd volgehouden dat deze uitspraak géén gevolgen had in Nederland. Zo werd bijvoorbeeld gesteld – zo ook in de procedure bij het KiFiD – dat in de zaak waarover het Europese Hof oordeelde de Belgische bemiddelingsprocedure centraal stond. Dit zou een “met wettelijke grondslag en waarborgen omklede procedure zijn die bovendien met een procedure in eigenlijk zin vervlochten is, nu de in het Belgisch procesrecht verankerde bemiddelingsprocedure voorziet in een rechterlijke bekrachtiging.” De uitspraak zou dan ook niet van toepassing zijn op de Nederlandse rechtsbijstandsverzekeringspraktijk.

Uitspraak KiFiD

Het KiFiD heeft echter in de uitspraak van het Europese Hof voldoende aanknopingspunten gezien om te oordelen dat de uitspraak van het Europese Hof ook van toepassing is op de Nederlandse rechtsbijstandverzekeringspraktijk. Verder werd geoordeeld dat de buitengerechtelijke fase ook is aan te merken als een ‘gerechtelijke procedure’. Het begrip ‘gerechtelijke procedure’ moet ruim worden uitgelegd. Het onderstaande oordeel spreekt boekdelen:

“Dit betekent dat een verzekerde in geval van een beroep op de rechtsbijstandverzekering in elke fase die kan leiden tot een procedure bij een rechterlijke instantie een beroep op de vrije advocaatkeuze toekomt. Daarbij geldt wel als voorwaarde dat sprake moet zijn van een conflict, te definiëren als het bestaan van een belangentegenstelling.”

Goed nieuws dus! Let wel op het met volgende.

Goed nieuws dus. Wel moet gekeken worden naar het kostenmaximum zoals opgenomen in de polis. Als de kosten die in de buitengerechtelijke fase worden gemaakt vergoed wordt, leidt dit ertoe dat het kostenmaximum eerder is bereikt en dat er mogelijk onvoldoende middelen zijn om een gerechtelijke procedure te starten. In de uitspraak staat het volgende:

“Wel onderschrijft de commissie het standpunt van de verzekeraar dat het beschikbaar stellen van budget voor inschakeling van een externe rechtshulpverlener, zodat dat sprake is van een procedure voor een gerecht, voor een verzekerde het risico behelst dat het budget al (grotendeels of geheel) is verbruikt voordat hij aan de procedure begint. Naar het oordeel van de commissie ligt hierin een taak voor rechtsbijstandsverzekeraars en de ingeschakelde advocaten om verzekerden zowel te informeren over de mogelijkheden als ook te wijzen op mogelijke risico’s, zodat verzekerden hierin een weloverwogen beslissing kunnen nemen.”

Dit is dus nog wel een punt van aandacht.

Hoger beroep tegen de uitspraak

DAS heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak. In haar persbericht zegt DAS dat de maatschappelijke en solidaire functie van rechtsbijstand verloren dreigt te gaan. Ook brengt DAS het vorige punt onder de aandacht, namelijk dat het verzekerde bedrag eerder op dreigt te raken en er dus minder geld overblijft om bijvoorbeeld te procederen.

DAS heeft in haar persbericht te kennen gegeven dat de uitspraak van KiFiD door het beroep wordt geschorst tot er in beroep uitspraak wordt gedaan, waardoor er dus nog geen rechten ontleend kunnen worden aan deze uitspraak. Voor de consument in kwestie heeft dat in ieder geval géén gevolgen, nu de consument en de verzekeraar hebben gekozen voor een bindend advies. Dit betekent dat partijen elkaar aan de uitspraak kunnen houden, ook als beroep wordt ingesteld.

Wij zullen u op de hoogte houden van het verloop van het beroep.

Meer weten of dit onderwerp? Neem dan gerust contact op met een van onze advocaten.

Auteur: Lotte Oostdam

Dit bericht is geplaatst op 22 april 2021