Als werkgever kunt u aansprakelijk worden gehouden voor schade die uw werknemers lijden als gevolg van arbeidsongevallen. Hierbij kan worden gedacht aan de situatie dat een werknemer tijdens zijn werk uitglijdt of van een trapje af valt. Dit betreft de “klassieke” arbeidsongevallen die zich voordoen op de werkplek. Maar hoe zit het met de aansprakelijkheid van de werkgever voor het geval de werknemer schade oploopt tijdens zijn deelname aan het verkeer? Hierbij kan worden gedacht aan vrachtwagenchauffeurs, taxichauffeurs en postbezorgers. Bent u als werkgever in deze sector aansprakelijk voor schade die uw werknemers lijden tijdens hun verkeersdeelname?

In de arresten Kooiker/Taxicentrale[1] en Maasman/Akzo[2] heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de werkgever verplicht is een behoorlijke verzekering af te sluiten ten aanzien van zijn werknemers die deel nemen aan het verkeer. In dit blog zal worden besproken wat een behoorlijke verzekering precies inhoudt en welke hedendaagse verzekeringen aan de criteria van de Hoge Raad voldoen.

Wat is een behoorlijke verzekering?

De behoorlijke verzekering is een zogenaamde first-partyverzekering, wat inhoudt dat enkel van belang is dat de verzekerde schade heeft opgelopen. Dit in tegenstelling tot een third-partyverzekering, waarbij het juist gaat om de aansprakelijkheid van de veroorzaker. De Hoge Raad heeft niet concreet ingevuld hoe de behoorlijke verzekering eruit moet zien. Wel overwoog hij dat de omvang van de verzekeringsplicht van geval tot geval moet worden beoordeeld. Daar voegde de Hoge Raad nog aan toe dat er betekenis toekomt aan de bestaande verzekeringsmogelijkheden en of betaling van de premie in redelijkheid van de werkgever kan worden gevergd, alsmede of de aard en omvang van de schade naar de heersende maatschappelijke opvatting een verzekeringsdekking verdient.

De Hoge Raad heeft zijn uitleg verder geconcretiseerd door te oordelen dat het enkele gegeven dat de door de werkgever afgesloten verzekering voldoet aan de cao onvoldoende is om als “behoorlijk” aangemerkt te worden. De cao-afspraken zijn volgens de Hoge Raad ook niet beslissend voor hetgeen van een goed werkgever mag worden verwacht waar het dekking van bijzondere risico’s betreft.

Welke hedendaagse verzekeringen volstaan?

Zoals gezegd komt er betekenis toe aan de bestaande verzekeringsmogelijkheden. Ik zal kort vier verzekeringen bespreken die voldoen aan de door de Hoge Raad gegeven criteria voor een behoorlijke verzekering. Zij hebben alle vier gemeen dat schade veroorzaakt door bewuste roekeloosheid of grove schuld aan de zijde van de werknemer niet voor vergoeding in aanmerking komt.

 

Verkeersschadeverzekering voor Werknemers (VSVW)

De VSVW dekt schade die een werknemer lijdt in het kader van zijn verkeersdeelname. Hier moet niet alleen aan motorrijtuigen worden gedacht, maar ook verkeersdeelname als fietser, voetganger of als reiziger met het openbaar vervoer. Het betreft een first-partyverzekering dus ook de schade die het gevolg is van eigen schuld van de werknemer, komt voor vergoeding in aanmerking. Ook als de werkgever niet aan zijn zorgplicht heeft voldaan, vergoedt de verzekeraar de schade.

 

Werkgeversaansprakelijkheidsverzekering voor Verkeersdeelnemers (WEGAV)

Onder de WEGAV zijn alle werknemers (inclusief stagiaires, uitzendkrachten en ZZP’ers) gedekt onder de WEGAV. Ongevallen waar gemotoriseerde, fietsende en lopende werknemers alsmede reizigers van het openbaar vervoer bij zijn betrokken, zijn verzekerd. Dit geldt ook voor ongevallen die zich tijdens het woon-werkverkeer voordoen. De dekking is wereldwijd, met uitzondering van de Verenigde Staten en Canada.  Het bijzondere aan deze verzekering is dat (afhankelijk van de polis) zij ook schade vergoedt die uw werknemer lijdt in het kader van art. 7:658 BW (veilige werkomgeving). Met deze verzekering kunt u dus uw volledige werkgeversaansprakelijkheid dekken.

 

Goed Werkgeverschap Verzekering (GWV)

Onder de GWV zijn zowel werknemers als “pseudo-werknemers” (bijvoorbeeld uitzendkrachten, stagiairs en zzp’ers) verzekerd tegen personenschade en zaakschade. De aard van het ongeval is niet van belang en de GWV maakt geen onderscheid tussen werknemers die een motorrijtuig besturen, fietsen of lopen. Sommige polissen dekken ook ongevallen die niet tijdens deelname aan het verkeer zijn ontstaan, zoals ongevallen tijdens bedrijfsuitjes. Hiermee dekt het deels de werkgeversaansprakelijkheid ex art. 7:658 BW.

 

Werknemersschadeverzekering (WSV)

De WSV verzekert een breed scala aan schadeveroorzakende gebeurtenissen. Niet alleen verkeer gerelateerde schade wordt vergoed, maar ook schade ontstaan tijdens bedrijfsuitjes, woon/werkverkeer, “huis-tuin-en-keukengevaren” en bijzondere gevaren zoals een overval zijn middels de WSV verzekerd. Voor de WSV-verzekering geldt tevens een werelddekking.

De groep van verzekerden is niet alleen beperkt tot werknemers, maar kan ook stagiaires en uitzendkrachten betreffen. De omvang van de schade wordt vastgesteld overeenkomstig het wettelijke regime van afd. 6.1.10 BW. Dit betekent dat het “reguliere” eigen schuld regime van art. 6:101 BW van toepassing is en derhalve dat de hoogte van de uitkering kan worden verminderd naarmate er een hogere mate van eigen schuld bestaat.

Conclusie

U bent als werkgever dus verplicht om een behoorlijke verzekering af te sluiten ten behoeve van uw werknemer die deelneemt aan het verkeer. In dit blog zijn een viertal verzekeringen besproken die voldoen aan de door de Hoge Raad geformuleerde criteria en waar u als werkgever gebruik van kunt maken.

Advies nodig?

Heeft u vragen over het verzekerings-en aansprakelijkheidsrecht of het arbeidsrecht? Neem gerust contact op met een van onze advocaten.

 

Dit blogbericht is geplaatst op 31 mei 2022.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


[1] HR 1 februari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB4767

[2] HR 1 februari 2008, ECLI:NL:HR:2008:BB6175