Het huurrecht is een onderdeel van het burgerlijk recht. Het huurrecht ziet op de verhouding tussen de verhuurder en de huurder. De huurder betaalt aan de verhuurder een bepaald bedrag om gebruik te mogen maken van hetgeen de verhuurder ter beschikking stelt. Deze verhouding wordt geregeld in een speciale overeenkomst, namelijk de huurovereenkomst. Bij deze overeenkomst geldt een bepaalde mate van contractsvrijheid. In het huurrecht zijn er veel beschermingsbepalingen voor de huurder opgenomen. Slechts in een aantal gevallen mag door partijen van deze beschermingsbepalingen worden afgeweken. Dit zorgt ervoor dat de contractsvrijheid enigszins wordt ingeperkt. Wolfs Advocaten is het juiste adres voor zowel de al dan niet bedrijfsmatige verhuurder als de huurder.

Drie soorten

De wet onderscheidt drie soorten huur van onroerend goed: de huur van een overige bedrijfsruimte (bijvoorbeeld een kantoorpand), de huur van een bedrijfsruimte bestemd voor de uitoefening van een kleinhandelsbedrijf (bijvoorbeeld een winkel of horecapand, ook wel middenstandsbedrijfsruimte genoemd) en de huur van een (on)zelfstandige woning.

van een (on)zelfstandige woning, de huur van een bedrijfsruimte bestemd voor de uitoefening van een kleinhandelsbedrijf (bijvoorbeeld een winkel of horecapand, ook wel middenstandsbedrijfsruimte genoemd) en de huur van een overige bedrijfsruimte (bijvoorbeeld een kantoorpand).

Om erachter te komen welke rechten en plichten de verhuurder en de huurder hebben is het van belang om zowel de wet als de huurovereenkomst te raadplegen. Per huurregime gelden er verschillende regels, onder meer met betrekking tot het beëindigen van de huur. In het kader van het opzeggen van een huurovereenkomst dient onder meer aandacht te worden besteed aan de volgende vragen:

  • Zegt de huurder of de verhuurder op?
  • Geldt er een opzegtermijn?
  • Hoe dient de opzegging te geschieden?
  • Is er tussenkomst van een rechter nodig?
  • Gelden er opzeggings- of toewijzingsgronden?
  • Bestaat de mogelijkheid tot ontruiming?

Zo wordt een huurovereenkomst van een middenstandsbedrijfsruimte over het algemeen aangegaan voor een periode van 5 jaar (of langer) die later nog eens met 5-10 jaar verlengd kan worden. Hierbij geldt als wettelijk uitgangspunt een termijn van opzegging van tenminste één jaar, tegen het einde van de overeengekomen termijn. Met betrekking tot het beëindigen van de huur van woonruimten en overige bedrijfsruimten gelden andere opzegtermijnen.

De huurder van een overige bedrijfsruimte komt bijvoorbeeld ook onder omstandigheden aan het einde van de huurtermijn ontruimingsbescherming toe. Deze kan door de huurder worden aangevraagd bij de rechter en kan maximaal 1 jaar duren, maar het is mogelijk om het verzoek nog twee keer te herhalen.

Huurgeschil

Naast een geschil tussen de verhuurder en de huurder met betrekking tot het beëindigen van de huur kunnen er bijvoorbeeld ook geschillen ontstaan met betrekking tot een huurprijswijziging, met betrekking tot gebreken aan het gehuurde, renovatie van het gehuurde,  contractsovername door een nieuwe (ver)huurder en onderhuur.

Onze focus

Mogelijke onderwerpen die in het huurrecht aan de orde komen en waarbij Wolfs Advocaten u van dienst kan zijn:

  • Opstellen huurovereenkomst
  • Opzegging huurovereenkomst
  • Indeplaatsstelling
  • Ontruimingsbescherming aanvragen bij de rechter
  • Gemengde huurovereenkomsten
  • Verschillen tussen huurregimes
  • Geschillen over gebreken
  • Huurprijswijziging
  • Onder(ver)huur
  • Renovatie

Wij helpen u graag

Heeft u vragen met betrekking tot huurrecht? Heeft u advies nodig? Neem gerust contact op met advocaat Peter Kostons.

Wolfs Advocaten publiceert ook regelmatig blogs op het gebied van huurrecht.